Tips.

Tenminste: ervaringen uit de rauwe (Ierse) Altijd handig, zo'n knooppraktijk die ik bij mekaar gezet heb. Geen van de uitspraken biedt dus enige garantie op wat dan ook.

Maar, hé, waar moet je anders op vertrouwen?

De tips staan overigens niet in volgorde van belangrijkheid of onderwerp. Er zit geen enkele logica in. Je zult het dus zelf moeten uitzoeken.

Tip 1.

Eigenlijk een tip vooraf: alhoewel ik allerminst bekend sta om m'n krampachtige houding ten opzichte van geld, wil ik daar íets over zeggen: als je goedkoop wilt snoeken, ga je met een pijl en boog naar het park. Als je spectaculair wilt snoeken, moet je waarschijnlijk een tijdje sparen. Want Ierland is duur. In de meeste pubs vind je menukaarten met bedragen die je bonkend toelachen. Vrolijk naar boven afgerond, staan ze er welvarend en blozend bij (want het gaat vrij goed met Ierland). In de supermarkt, bij de bakker of in de hengelsportwinkel. ah, de calcutta! Een van m'n betere tips!Overal van die lekkere ronde getallen. Maar dat kan mij persoonlijk geen reet schelen. Geld moet rollen tot je ervan omvalt. Geld is plezier, en bied je de unieke mogelijkheid om dingen te doen waar je van droomt. Vind ik.

Oké, door met de tips:

Tip 2.

Je wilt snoeken vangen? Op een (groot) meer in Ierland? Het beste wat je kunt doen is direct een gids nemen. Laat 'm (of 'r, dat is wel zo politiek correct) je een dag of enkele dagen alle hoeken van het water zien. Natuurlijk kun je het allemaal ook zelf wel uitvinden, maar daar heb je eigenlijk de tijd niet voor. Dus waarom zou je? Een gids wijst je niet alleen de mooie stekken (zodat je later ook op jezelf een heel redelijk kansje kunt wagen); hij kan je vooral een beetje meer zelfvertrouwen bezorgen. Als je met een gids al meteen wat snoeken vangt -en dat is meestal wel het geval-, voel je je toch nèt iets zekerder. Je hebt de vissen immers aan je hengel (en als het goed is in je handen) gehad, je hebt de aanvallen gezien en de aanbeten gevoeld. Je wéét dat ze er zijn. En dat kun je de resterende dagen meteen uitbuiten. En zelfs als het dan niet meteen werkt geef je het toch niet direct op. Want je wéét dat ze er zitten. Je weet nog precies waar en op wat voor soort stekken je bent geweest met je gids. Waar hij verhalen vertelde over z'n werk. De dingen die hij meemaakt. De verschillende mensen, de verschillende vissen, de verrassende aanvallen, de spectaculaire gevechten. En de missers. Gewoon, de praktijk. Een betere oplader voor je batterij bestaat niet (hier kun je je gids bestellen).

Tip 3.

Meteen maar een tip over je stokken. Of, laten we het breder pakken: je materiaal. Kijk, ik vis niet al te zwaar. Ik heb -als meest gebruikte precisie-instrument- een redelijk korte baitcaster van de Fa. Schreiner. Zo'n hengel met een boterzachte instelling. Hij buigt al bij de áánblik van het schot van een snoek. Maar ik vis er bijzonder lekker mee. Sterker nog: ik heb er zelfs àl m'n metersnoeken mee gevangen. . .  en daarom is het best sneu dat-ie z'n foudraal nauwelijks is uitgekomen. Want op Lough Derg hoor je de snoeken huilen van het lachen bij de aanblik van dat materiaal. Túúrlijk kun je ze met èlk materiaal vangen. Ook een vijf-grammertje. Maar het is gewoon niet handig. Een meer dat zó groot is vraagt om grote, redelijk strakke spullen. Een meer met zoveel aaspikkende rotsen en bodemplanten heeft solide gear nodig. Goeie reels (maar da's persoonlijk), pittige lijnen (gevlochten 30-ponds is altijd goed), extra sterke onderlijnen, cross-lock wartels en stevige brokken kunstaas. Sta je in Nederland nog heel voorzichtig met je Rapala Super Shad Rap te zwaaien; in Ierland lach je d'r om.

Tip 4.

Zorg voor een lekker warme, regenbestendige, zondoorlatende en luchtige jas. En broek. En pet. Want het Ierse weer is heel bijzonder. Als je een beetje de ruimte hebt om naar de lucht te kijken (en op Lough Derg is dat het geval), zie je in drie seconden vijf verschillende weerbeelden. Een halve regenboog, motregen aan de ene en stortregen aan de andere kant, zonnestralen op twaalf uur en hagel in de boot. Weersvoorspellingen worden dan ook alleen maar uitgegeven voor een minuut of tien. Je kunt alles verwachten. En dat is dan ook precies wat je moet doen.

Tip 5.

Groot bestaat niet. Wat er in Nederland reusachtig overdreven uitziet, kan op een Iers meer ineens overkomen als een paperclip. Dus meteen maar een tip over azen.

Tip 6. Azen.

Is het interessant om te weten wat wij aan onze hengels hadden hangen? Ik weet het niet. Misschien wel. Maar voor de zekerheid vertel ik er wat over. Want als ik had geweten wat ik nu weet, had ik een hele berg kunstaas thuis kunnen laten. Zo'n Iers meer is eigenlijk heel overzichtelijk. Groot.

Grote bucktailspinners (ik gebruik Musky Killers -vooral de tandem is erg smakelijk- van Mepps. Ik bestel ze in de VS, terwijl ze in Frankrijk gemaakt worden. Ach). Dikke pluggen. Super Shad Raps bijvoorbeeld. En extra grote Rapala Originals. Daarnaast natuurlijk allerlei sleurhouten. Bobby Baits en Suicks, bijvoorbeeld. Grote shads zijn ook prima (Ferdinand had er een die op een matras leek). Nogmaals: groot is prima. Snoeken kunnen grote happen aan, en hoe groter je aas, des te kleiner de kans op mini-snoekjes en baars.

Tip 7.

We gaan er even van uit dat je met het vliegtuig naar Ierland wilt. Wij vlogen met Aer Lingus. Niks mis mee. Maar het kan ook anders. Een -veel- goedkopere optie is vliegen met Virgin Express vanuit Brussel. Een andere optie zijn de chartervluchten die Transavia heeft. Ze vliegen alleen op zondag, en alleen tijdens 'het seizoen' (dat nu overigens gesloten is), maar de prijs is prima. Over boten en tunnels weet ik niks. Misschien kan Jeeves je verder helpen (stel maar een intelligente vraag).

Tip 8.

Vliegvissen in de buurt van Killaloe? De omstandigheden zijn verre van ideaal, en de mogelijkheden beperkt. Maar het kan. In april en mei kun je op Lough Derg forellen vangen (de 'mayfly'-periode). De rivier de Nenagh bevat forel. Een jaarvergunning kost 5 pond. Lough Atorick (zie dag 2) heeft een grote collectie kleine bruine forelletjes. Leuk. Voor de liefhebber van iets grotere exemplaren, is er de forellensloot in Clonlara (dag 4). Alhoewel de -grote- forel is uitgezet, zijn ze wèl wild. Kijk voor meer informatie even bij de links.

Tip 9.

Drink Kilkenny.

Tip 10.

Probeer 'ns dingen die je normaal nooit probeert. Een te starre strategie werkt alleen maar tegen je. Experimenteer. Probeer. Gebruik 'ns wat gekke azen. Laat die dooie vissen een dagje thuis. Durf 'ns wat.

 

 

Voor iedereen die de 'oude' Derg Diary nog heeft gezien: ik heb inderdaad gezegd dat ik er niets meer aan zou doen. Maar ach, je leert 'ns wat nieuwe dingen, en die wil je uitproberen. Bovendien had ik het wel weer gehad met die frames. Vandaar. (Marnix, 15 - 4 - 2000)